Yadeborg biedt alleenstaande minderjarige vreemdelingen opvang in onze Procesopvanglocaties (POA). Jonge alleenstaande statushouders vinden een veilig thuis in onze Kleine Wooneenheden (KWE's).
Ook vangen we meerderjarige (vermoedelijke) slachtoffers van mensenhandel en mensensmokkel op. Hen bieden we opvang, begeleiding en ondersteuning binnen de Categorale Opvang Slachtoffers Mensenhandel (COSM).
Veel van onze bewoners hebben traumatische gebeurtenissen meegemaakt. Daarom is het belangrijk dat ze bij ons een veilige basis vinden. Hier krijgen ze de tijd om tot rust te komen, en de ruimte om vooruit te kijken naar de toekomst en hun verdere ontwikkeling.
Yadeborg staat voor diversiteit en werkt kleinschalig. Onze verschillende locaties worden vanuit die visie vormgegeven. Kleinschaligheid is voor Yadeborg een belangrijk uitgangspunt om een goed pedagogisch leefklimaat te creëren en maatwerk te kunnen bieden in de individuele begeleiding.
Yadeborg is een zelfstandige, toekomstgerichte organisatie die voortdurend naar oplossingen en innovatie zoekt, zowel in als buiten ons eigen werk. Gemeenten en anderen die op dit dossier willen samenwerken en op zoek zijn naar passende oplossingen voor de slachtoffers, kunnen ons benaderen. We gaan graag met hen om tafel om te zien wat we samen kunnen bereiken.
1 jaar werkt ze nu op de procesopvanglocatie in Vries, en ze voelt zich er als een vis in het water. ‘Mijn man had al eerder gezegd dat een baan bij het COA bij mij zou passen’, vertelt Evelien van der Ark. ‘Want ik maak geen onderscheid tussen mensen. Niet om hun huidskleur, niet om hun seksualiteit. Iedereen zie ik als gelijke.
Ik vond het echter een grote stap om na dertien jaar afscheid te nemen van mijn vorige werk. Sinds we kinderen kregen werkte ik daar niet meer op een groep, maar op de planning. Kantoorwerk is niet mijn ding. Liever werk ik met mensen en dan nog het liefst met kinderen. Dat is mijn passie. Dus toen ik deze vacature zag moest ik wel reageren. Direct toen ik hier binnenstapte voelde ik me welkom en op mijn plek.’
‘Het is mooi als je wat van jezelf in het werk kunt leggen. Iedereen begeleidt ook wat op zijn eigen manier.
Wat ik belangrijk vind en me makkelijk afgaat is om de verschillende jongens snel bij hun naam te kennen en aan te spreken. Jouw naam is jouw identiteit. Stel je voor dat je vlucht en niemand kent jouw naam. Wanneer je met je naam wordt aangesproken, word je ook gezien. Jongens spreken me wel aan met “mevrouw”, maar liever heb ik dat ze me Evelien noemen.’
‘Het is fascinerend hoe snel ze zich de taal eigen maken. Wanneer ze binnenkomen spreken ze geen Nederlands, en binnen een paar maanden kun je samen een goed gesprek voeren. Maar ook wanneer je nog niet met elkaar kunt praten, dan kan een glimlach al een uitnodiging zijn om mee te doen aan een activiteit.’
‘Ik heb een hele leuke baan’, zegt ze stralend. ‘Ik ben hier nuttig en kan iets voor de jongeren betekenen. De jongens zijn hier ook bijna altijd dankbaar.
Ik moest wel leren het werk minder mee naar huis te nemen en meer los te laten. Dat gaat steeds beter, maar blijft soms nog lastig.
Een keer was een jongen heel erg ziek. Ik had al langer het gevoel dat het niet goed met hem ging. Toen ik hem op zijn kamer vond met een plas bloed op de vloer dat hij had opgehoest, was ik wel wat in paniek. Dat was heftig. Allereerst voor hem, want hij dacht dat hij doodging. Hij is naar het ziekenhuis gebracht. Het kwam gelukkig weer goed, maar lang vroeg ik me af of we te lang hadden afgewacht.
Ik voelde me er weken heel vervelend over en droomde ervan. Je draagt uiteindelijk wel de verantwoordelijkheid voor kinderen van een ander.’
Evelien houdt van sport. In haar vrije tijd speelt ze tennis en loopt graag een kilometer of tien hard. Die liefde voor sport zet ze ook in op het werk. ‘Met sport kun je jongens met een verschillende afkomst samenbrengen. De jongens vinden het leuk dat ik meedoe en met elkaar een wedstrijd lopen brengt saamhorigheid.
Met mijn collega Marco zoek ik iedere maand een hardloop-evenement waaraan we met de jongens mee kunnen doen. Zo deden we mee met de 4 mijl van Groningen en die van Assen. Dat staat nu weer op de planning.
4 mijl of 6,4 kilometer is een mooie afstand. 10 kilometer schrikt hen af. Dan zeggen ze “dat is te veel mevrouw”. Maar wat zijn ze trots op de medaille die ze na afloop krijgen.
Een keer waren we al op weg naar ons busje toen Ali tegen me zei “mevrouw, mevrouw, ze roepen mijn naam om”. Hij bleek de snelste onder de 18 jaar. Dus wij snel naar de prijsuitreiking en even later stond hij daar op het podium met een grote beker en een nog grotere glimlach. ‘
Op dit moment is Twan Komdeur de benjamin van het team in Veenhuizen. Niet dat dat hem dwars zit, want hij voelt zich tussen de collega’s als een vis in het water. ‘Ik kan hier veel leren, en durf me te laten zien en ook fouten te maken. Dat hoort er ook bij wanneer je je wilt ontwikkelen.’
De jongste zijn heeft ook voordelen. Zo maakt hij makkelijker contact met de jongens in de opvang. Zeker ook omdat hij dol is op sport. Samen een balletje trappen schept een band.
Sinds augustus 2025 werkt Twan voor Yadeborg. De procedure tot zijn aanstelling verliep vlotter dan hij zelf had kunnen bedenken. ‘Ik was door mijn moeder op Yadeborg geattendeerd. Ze wist dat ik op zoek was naar een functie met meer uitdaging dan de buitenschoolse opvang waar ik werkte. Daar was ik begonnen na het behalen van mijn diploma mbo-sport en bewegen. Ik schreef daarom een uitgebreide mail naar Erik, de teamleider van de procesopvanglocatie hier in Veenhuizen. Waar ik dacht dat ik op een kennismakingsgesprek was uitgenodigd, bleek het om een sollicitatiegesprek te gaan.
Al sloot mijn opleiding niet geheel aan, ik kreeg hier de kans én dus de baan.
Ik had niet verwacht dat het zo leuk zou zijn om te doen. De omgang met de jongeren, mijn collega’s die sociaal en inspirerend zijn. Ze benaderen me op een volwassen manier en dat maakt dat ik mijn werk beter kan doen. Het voelt hier als een tweede thuis.’
Uitlaatklep tegen piekeren
Omgang met mensen uit andere culturen is Twan niet vreemd. Als kind verhuisde hij vaak en als twaalfjarige woonde hij in Noorwegen. Om de taal eigen te maken kwam hij in een soort Internationale Schakelklas met jongeren van tal van nationaliteiten. ‘Ik voelde mij in die klas op mijn plek.’
Dat is hier in Veenhuizen niet anders. Vanaf de eerste dag trapt hij graag een balletje met de jongens. ‘Mijn sportopleiding is hier mijn kracht. Door samen te sporten kun je met een gebaar en nog zonder te praten al contact maken. Het is voetbal, maar ook meer dan dat. Zo gaan we iedere zaterdag met een groep kickboksen. Een goede uitlaatklep. Als ze niet actief zouden zijn zitten ze alleen maar op hun kamer te piekeren. Een jongen gaf me dat gisteren zelf aan. Hij beseft dat het goed is als hij met zijn hoofd ergens anders is. Met allerlei sporten probeer ik de jongens te motiveren om actief te worden.’
‘Ik ben maar enkele jaren ouder dan deze jongens. Ik stel me kwetsbaar op en probeer een voorbeeld voor hen te zijn. Ik vind het belangrijk leuke dingen met hen te doen en een persoonlijke relatie met hen op te bouwen.
Het gevaar is dat je veel tijd op kantoor rondbrengt, dossiers bijhouden, dingen regelen. We werken echter met jongens en dat voelt toch heel anders dan op kantoor zitten.’
‘Het jaar dat ik hier nu werk ben ik erg gegroeid in de gesprekken die ik voer. Daar heb ik buiten het werk in het dagelijks leven ook profijt van. De trainingen – zoals de weerbaarheidstraining die ik hier kreeg helpen me verder. Ik observeer mijn collega’s om te zien hoe zij dingen aanpakken en weet dat ik nog veel moet leren. Zo heb ik nog te weinig kennis van de cultuur van de jongens. En ik denk dat ook het merendeel van mijn collega’s zich nog kan verbeteren in cultuursensitief werken.’
Wat brengt de toekomst?
‘Ik wil eerst nog meer rondkijken, hier leren en mezelf ontwikkelen. Daarvoor durf ik vragen te stellen. Nu is nog heel veel nieuw voor mij, gesprekken voeren, dossiers bijhouden. Er zijn volop uitdagingen met deze pubers en hun trauma’s.
Misschien wil ik dan later - net als mijn collega Rochelle - een part time studie Social Work gaan volgen.’